Uitgangspunten
Losjes gebaseerd op de korte vorm van de Yang-stijl (Cheng Man-ch'ing, Benjamin Lo) doen wij oefeningen die berusten op drie elementen: vertrouwen, adem, beweging.Dat zijn woorden die via ons westerse woordenboek al gauw tot herkenning leiden. In de klassieke teksten over taichi blijken ze een betekenis te hebben die alleen gaat leven door het beoefenen van (delen van) een taichi-vorm.
Het "vertrouwen" is een levensinstelling die o.a. in het taoïsme, waarmee taichi heel nauw verwant is, centraal staat. De "adem" is niet je eigen adem, maar de "chi", de energiestroom. Vanuit dat vertrouwen zal de chi vanzelf de "beweging" veroorzaken.
Een aanduiding die hier dicht bij komt is: Intentie, Innerlijke beweging, Uiterlijke beweging.
Het beoefenen van taichi, op bovenstaande wijze maar ook in de vele andere stijlen die er zijn, heeft een sterke uitwerking op je lichamelijke welzijn. Heupen en rug hebben er doorgaans veel baat bij. Wat we doen is eigenlijk heel eenvoudig: we ontdekken hoe we energie kunnen verzamelen (in één been), dat is de Jin-fase, en die weer gebruiken om te bewegen (naar het andere been) en tegelijk naar onze bovenste ledematen - die de energie doorgeven - om ons te verdedigen, de Yang-fase. Die verdediging is geen hoofddoel. We ontdekken dat de beweging om het been te "vullen" en daarna te bewegen vanuit dat "volle" been vanzelf gaat. In een flow. Zoals een tak van een boom in de wind waait. Die kan niet anders. Wij ook niet. Doen door niet-doen. Dit meditatieve aspect sluit nauw aan bij wat wij "moeiteloos" noemen.
Vorige pagina: Meditatie voor onze gasten
Volgende pagina: Eigen aanpak
